HCC surveillance

HCC surveillance dient te worden verricht middels echografie van de lever, iedere 6 maanden.1 Bij twijfel over de betrouwbaarheid van de echografische beeldvorming is surveillance middels MRI of CT geïndiceerd.

Patiënten die in aanmerking komen voor HCC surveillance zijn:

  1. Alle patiënten met chronische hepatitis B en cirrose.
  2. De volgende groepen patiënten met chronische hepatitis B zonder cirrose 1:
    1. Oost-Aziatische mannen >40 jaar
    2. Oost-Aziatische vrouwen >50 jaar
    3. Patiënten afkomstig uit sub-Sahara Afrika >20 jaar
    4. Positieve familieanamnese voor HCC

Voor patiënten die behandeld worden geldt:

  1. Patiënten met cirrose of een verhoogd risico op HCC (zie punt 2 hierboven) die behandeld worden met een NUC dienen toch te worden opgenomen in een surveillance programma voor HCC. 2
  2. Patiënten met cirrose of een verhoogd risico op HCC (zie punt 2 hierboven) die een duurzame respons hebben op PEG-IFN of NUCs (ook HBsAg verlies) dienen toch te worden opgenomen in een surveillance programma voor HCC.

Toelichting

1 In de EASL richtlijn wordt HCC surveillance niet benoemd. Aangezien dit een belangrijk onderdeel is van de behandeling van patiënten met hepatitis B heeft de werkgroep hiervoor wel aanbevelingen opgenomen. Deze zijn conform de IKNL Richtlijn Hepatocellulair Carcinoom 2013, v1.0. Voor follow-up van patiënten die reeds een HCC hebben gehad verwijzen wij naar de Oncoline richtlijn.

2 Gezien de onduidelijkheid over de betrouwbaarheid van PAGE-B (en aanverwante scores) bij patiënten met cirrose en de andere subgroepen met een verhoogd risico adviseert de wekgroep deze scores vooralsnog niet te gebruiken.